Afspraak met Willeke Alberti
Het is al jaren geleden dat ik een periodiek geneeskundig onderzoek onderga. Daar vertellen ze me dat het opvalt dat ik de hoogste en de laagste tonen niet hoor. Men wil over vier jaar een uitgebreidere gehoortest doen. Bij die tijd ben ik al lang van baan veranderd en ik denk er verder niet meer aan. De laatste jaren moet de afstandsbediening van de televisie wel steeds harder en vraag ik vaker om een herhaling als iemand wat zegt. Verjaardagsfeestjes zijn een crime voor me, want die kakofonie van geluiden kan ik niet thuis brengen en ik sluit me dan altijd een beetje af. Daar komt bij dat ik me het beste voel in een 1 op 1 gesprek en ik zoek altijd iemand uit waar ik lekker me kan kletsen. Het groepsgebeuren volg ik niet zo. Ton en Lisa zeggen me dat ik eindelijk eens een gehoortest moet gaan doen, maar ik wimpel dat steeds af. Zo erg is het niet wat mij betreft en ik weet niet beter. Als ik echter een paar keer een ambulance niet hoor, of andere hoge tonen mis, weet ik dat ik actie moet ondernemen. Lisa trekt me over de streep met een: “straks hoor je de baby niet huilen”. Deze week komt er een reclame voorbij van een zaak in gehoorapparaten, gepromoot door Willeke Alberti. Lisa schrijft in de agenda: “mam een afspraak met Willeke”. Op donderdag en vrijdag kun je zonder afspraak binnen lopen en zo onderga ik alsnog een gehoortest. De conclusie treft me als een mokerslag. Ik mis 45 decibel per oor! Ik krijg een grafiek te zien, waarin een duidelijke V zit en juist de klanken die horen bij een gesprek, mis ik het meest. Als iemand tegen me praat, ervaar ik dat als fluisteren. Direct leg ik de koppeling met mijn vele hoofdpijn. Niet horen is natuurlijk dodelijk vermoeiend! Even daarvoor vraagt de mevrouw van de winkel me of ik vaak oorontstekingen heb gehad en ik zeg haar me daarvan niets te kunnen herinneren. Later bel ik mijn moeder en die vertelt me dat ik vanaf de lagere school tot de puberteit altijd oorstekingen heb gehad. Als ik nog eens goed terug denk, schieten me wel een paar herinneringen te binnen dat ik met veel oorpijn in bed lig, maar dat heb ik blijkbaar heel ver weg gestopt…
Die ochtend ben ik behoorlijk van slag en al die opmerkingen van Ton dat hij geen papegaai is, komen alsnog bij me binnen. Dat maakt dat ik zo maar begin te huilen als ik het huis binnen loop en begin met vertellen. De bouwvakkers zien het en schrikken er duidelijk van. Ton haalt koffie voor me en ik kalmeer. De volgende stap is dat ik een verwijzing nodig heb voor de kno-arts en ik bel de huisarts direct. Die is echter afwezig en maandag ga ik het weer proberen. Ik zal vermoedelijk aan de gehoorapparaten moeten en alhoewel Ton me verzekert dat die tegenwoordig superklein zijn, krijg ik het beeld voor me van een vrouw van minstens 80 jaar……
De volgende dag gaan we shoppen met Lex en Renee en we scoren leuke dingen. Lex vindt de match met de kleuren op zijn muur minder belangrijk, maar Renee geniet er van alles bij elkaar te zoeken. Daarin zijn we een jongens en een meidenblok die dag. De kinderen hebben ons huis voor het laatst gezien op 29 april en we leiden ze wederom rond. Ze zijn heel enthousiast en als Lex zijn airbrush-schildering ziet, krijgen we een dikke knuffel. Renee wil het liefst alles gaan rangschikken, maar het is nog even wachten op de vloerbedekking. Vrijdagavond komt ze weer en heeft ze nog net tijd op alles op orde te maken voor onze party. Lex bromt: “onze ruimtes worden dus toonkamers begrijp ik”.
Voor het zover is, zal er nog heel veel moeten gebeuren en moeten we ons koppie er goed bijhouden! Als ik straks flarden van gesprekken mis, weet ik waar het door komt, maar ik laat de feestpret er niet door bederven. Een mens is zo oud als die zich voelt!
