Het heeft lang geduurd, maar uiteindelijk zitten we dan toch in het Antoni van Leeuwenhuis ziekenhuis in Amsterdam. Ton krijgt een nieuwe CTG-scan en we krijgen een gesprek met een radioloog over het vervolg rond de tumor in zijn nier. We arriveren om 12.00 uur voor bloed prikken en wandelen na vijf uur weer naar buiten, maar dan hebben we ook alle specialisten gehad die we moesten hebben… De conclusie is dat het plekje niet gegroeid is sinds de vorige scan en dat er een hele goede behandeloptie is, namelijk koken met microgolven. De man vertelt met de nodige humor over de behandeling. Hij wordt diverse malen gestoord door telefoontjes en mensen die hem aanklampen, maar toch kunnen we onze vragen bij hem kwijt en glimlacht hij om de directheid van Ton.
Tussen de afspraken door is het wachten geblazen en hebben we wederom de gelegenheid tot observeren. We zien allerlei doodzieke mensen voorbij komen. De eetlust vergaat me en ik voel me misselijk worden. Ik weet dat kanker niet besmettelijk is, maar ik stel naar de wc gaan uit en was tig keer mijn handen. Het valt me op dat hier niks over de Mexicaanse griep te vinden is. Nergens waarschuwingen, geen bacterieel goedje waar mee je de handen moet ontsmetten. Hoe anders was dat op onze poli in Emmeloord, waar ik pas met Lisa naar toe moest. Raar eigenlijk hoe verschillend het beleid dan blijkbaar is…
Als laatste komen we bij de anesthesist. Die legt uit hoe hij de ruggenprik gaat uitvoeren als de opname gaat plaatsvinden. Ton vraagt hem hoe groot de kans is dat er iets mis gaat en hij bijvoorbeeld in een rolstoel terecht komt door verkeerd prikken. De arts zegt dat risico’s nooit zijn uit te sluiten, maar dat de kans daar op net zo klein is als op het winnen van de staatsloterij. Wij kijken elkaar aan en Ton pareert dat met: “dat moet u tegen ons niet zeggen, want wij hebben de loterij gewonnen”. Hij valt stil. Dat praatje heeft hij vast heel vaak gebruikt, maar zelden zal hij dit antwoord krijgen…
We vertellen hem dat we een opname willen uitstellen tot na ons weekje New York. Hij wenst ons veel plezier daar en volgens hem zullen we energie krijgen van die stad. We kunnen niet wachten! We rijden doodmoe de file in, maar het balletje rolt! Het koken moet nog even wachten. Eerst de Big Apple en dan pas de zure appel…