100%NL Magazine Mirjam de Graaff
Delen

‘Ik had mijn nier willen geven, maar onze bloedgroepen matchten niet.’

Bart de Graaff, oprichter van BNN en tv-kwajongen, haalde het uiterste uit elke dag. Zijn leven moest in de hoogste versnelling worden geleefd, omdat het wegens zijn nierziekte maar beperkt houdbaar was. Dit jaar zou hij 53 zijn geworden. Zijn zus Mirjam mist hem nog elke dag. ‘Ik had mijn nier willen geven, maar onze bloedgroepen matchten niet.’

Als jongen met een zeldzame nierafwijking had Bart de Graaff één droom: beroemd worden, zo niet: onsterfelijk. Na een reclamespotje voor chocoladekoekjes in de jaren tachtig (Zeg maar nee, dan krijg je er twee) kreeg hij een tv-show bij Veronica, BOOS (Barts Omroep Organisatie Stichting). In 1998 richtte hij zijn eigen omroep op, BNN (Bart’s Neverending Network). Bart stond voor jong, snel, wild, rebels, excentriek en vernieuwend. Veel te kort heeft hij van zijn succes kunnen genieten: 17 jaar geleden overleed Bart aan de gevolgen van zijn nierziekte. Maar nog altijd leeft hij voort, niet alleen als boegbeeld van BNN en inspirator voor de Bart de Graaff Foundation, maar ook in de harten van zijn dierbaren…

“Het verdriet kan me nog altijd overvallen”, vertelt zijn zus Mirjam de Graaff. “Pas nog. Tijdens een wedstrijd van Ajax zat ik met een vriendin bij Richard Groenendijk. Ik was me helemaal kapot aan het lachen, en ineens begon hij een zielig liedje over verlies te zingen. Plotseling zat ik weer aan het ziekenhuisbed van Bart toen hij overleed. Ik moest zó huilen en het was zó lekker. Dat klinkt stom, maar soms is het fijn om op onverwachte momenten met je pijn geconfronteerd te worden. Ik wist: als ik heel erg tegen mijn tranen ga vechten, kan ik ze tegenhouden, maar ik besloot om dat niet te doen, dacht: laat  maar komen.”

Bart werd op 16 april 1967 geboren in Haarlem. Kort daarna verhuisde hij samen met zijn ouders – moeder Marjan en vader Fred – en zus naar Hillegom. Op zijn negende sloeg het noodlot toe. Mirjam: Bart was aan het knikkeren toen er een auto tegen de achterkant van zijn been reed en dit verbrijzelde. Met zijn gezicht sloeg hij keihard tegen een van de autobanden aan. Hij lag helemaal open. Vermoedelijk heeft hij daardoor een bacterieinfectie opgelopen, die zijn nieren vernietigde.” Vanaf dat moment was hij nierpatiënt. Bart kwam in een medische mallemolen terecht met dagelijks spoelen en een groeistop als gevolg van alle medicatie (waardoor hij nooit groter werd dan een kind van 12) en tientallen operaties waarbij er werd gezaagd en gebroken in zijn benen, knieën en enkels. Op zijn zestiende kreeg hij een donornier, die zijn lichaam al vrij snel begon af te stoten. Bart zat tijden in een rolstoel en hij moest ziekenhuis in, ziekenhuis uit. In 1997, Bart was toen 31, vond er een tweede transplantatie plaats.

Aanvankelijk slaagde de operatie en begon zijn nier te werken. Twee jaar later ging het alsnog mis en moest hij weer dialyseren. Hij kreeg een herseninfarct en werd in 2001 geopereerd aan een zeldzame vorm van kanker in zijn mond. “Niets bleef hem bespaard. Ik heb weleens gedacht: wat heb jij toch verkeerd gedaan in je vorige leven om dit te verdienen?,” zegt Mirjam met een lach. ”Het grappige was: als ík eens iets mankeerde – ik weet nog dat ik een keer naar de kaakchirurg moest – dan riep hij: ‘O Mir, ik vind het zo erg, kon ik het maar van je overnemen!’ Eigenlijk zei hij daarmee: ‘Ik heb al zoveel voor mijn kiezen gehad, voor mij maakt het niet meer uit’.” Vastberaden: “Hij was echt een goed mens.”

 

(waardoor hij nooit groter werd dan een kind van 12) en tientallen operaties waarbij er werd gezaagd en gebroken in zijn benen, knieën en enkels. Op zijn zestiende kreeg hij een donornier, die zijn lichaam al vrij snel begon af te stoten. Bart zat tijden in een rolstoel en hij moest ziekenhuis in, ziekenhuis uit. In 1997, Bart was toen 31, vond er een tweede transplantatie plaats. Aanvankelijk slaagde de operatie en begon zijn nier te werken. Twee jaar later ging het alsnog mis en moest hij weer dialyseren. Hij kreeg een herseninfarct en werd in 2001 geopereerd aan een zeldzame vorm van kanker in zijn mond. “Niets bleef hem bespaard. Ik heb weleens gedacht: wat heb jij toch verkeerd gedaan in je vorige leven om dit te verdienen?,” zegt Mirjam met een lach. ”Het grappige was: als ík eens iets mankeerde – ik weet nog dat ik een keer naar de kaakchirurg moest – dan riep hij: ‘O Mir, ik vind het zo erg, kon ik het maar van je overnemen!’ Eigenlijk zei hij daarmee: ‘Ik heb al zoveel voor mijn kiezen gehad, voor mij maakt het niet meer uit’.” Vastberaden: “Hij was echt een goed mens.”

Delen