Dolce Vita
De eerste keer dat Merel in Puglia was, wist ze daar wil ik later wonen. Zij en haar man Bas gingen op zoek naar een woning, vonden die en gingen met hun kinderen van twee en drie de verhuizing aan.
M: ‘We hadden ons aangemeld voor Ik Vertrek, maar twee weken voor ons vertrek, gaven zij aan dat er geen budget was voor een nieuw seizoen. Het Roer Om had ons al via instagram benaderd maar ik had ze toen verteld dat wij al met ik vertrek in gesprek waren. Gelukkig konden ze snel schakelen want het afscheidsfeest was al een week later. Wij vinden het leuk om iets tastbaars te hebben van ons avontuur. Maar ook voor de klandizie. Je merkt dat je nu, ondanks 1,5 miljoen kijkers, toch nog je best moet doen om aan boekingen te komen. Komend weekend komen er twee keer gasten die ons via het programma hebben gevonden.’
Hoe kwamen jullie op deze plek?
B: ‘Het was altijd al Merels droom. Zestien jaar geleden was ze hier voor het eerst en zei ze gelijk: hier wil ik later wonen.’
M: ‘Dat was nog ver voordat ik Bas leerde kennen. Uiteindelijk heb ik hem deze plek laten zien tijdens de zoektocht naar huizen. Er komt veel juridisch geregel bij kijken. Na een tijdje gaven we de hoop op, maar we bleven toch steeds op Idealista (de Italiaanse Funda) kijken. Uiteindelijk heb ik dit huis gevonden, het heeft ook een voetbalveld dus dat vond Bas gelijk heel cool. We stonden op het punt om te vertrekken naar het Gardameer voor een gezinsvakantie, maar kregen toen te horen dat we diezelfde week dit huis mochten bezichtigen. Ik ben in mijn eentje heen gevlogen en heb het bezichtigd en tijdens onze vakantie aan het Gardameer hebben we alle papieren getekend en aanbetaald, maar Bas had het huis nog niet gezien.’
Durfde je dat aan?
B: ‘Ja mijn vrouw heeft een goede hand van huizen kopen, die vertrouw ik volledig.’
Hoe is het nu met jullie?
B: ‘Nog steeds heel druk. Na de uitzendingen hadden wij de cliffhanger: vergunningen of niet. Wij hebben ondertussen de vergunningen dat de tenten mogen blijven staan en dat we die mogen verhuren. Alleen we moesten ze wel verplaatsen. We zijn nu nagenoeg klaar, voor de tweede keer. Alles wat we vorig jaar hebben gebouwd hebben we moeten afbreken, dus maanden werk. Ze moesten vier en halve meter worden opgeschoven. Heel veel werk om zoiets kleins. We zijn dit jaar begin april begonnen met alles omzetten. We hebben nu pas de eerste gasten in de twee tenten. En het appartement is volgende week ook bezet, dus dan zitten we vol.’
Genieten jullie tussendoor ook?
B: ‘Een half dagje in de week. Verder is het alleen maar werken.’
M: ‘’s ochtends werken we hier altijd een paar uurtjes, dan gaan we lunchen op het strand en dan weer terug. Of aan het einde van de middag nog even naar strand. We doen meer leuke dingen met de kinderen dan dat we vorig jaar deden. Onze kinderen hebben al vakantie vanaf 12 juni en gaan pas 17 september weer naar school. Die hebben we dus ook gewoon om ons heen hangen. Het gaat nu beter dan vorig jaar, toen hadden ze wat meer ondersteuning nodig. Nu kunnen ze zelf spelen en dingetjes doen.
Ze waren twee en drie toen we weggingen en weten niet beter. Bas vloog toen nog heel veel heen en weer naar Nederland en dan zetten wij hem af op het vliegveld. Zij dachten dat het vliegveld Nederland was en dat papa twee weken op dat vliegveld sliep. Na twee weken gingen we hem weer daar ophalen.’
B: ‘Ik vlieg nog steeds veel heen en weer Nederland, volgende week ga ik weer een dag of 11 om keukens te monteren. We gingen natuurlijk hierheen om meer tijd met elkaar te hebben. We stelden een leuk leven boven het hebben van een hoog banksaldo. Maar zonder geld kom je nergens, dus ik moet ook gewoon nog het werk ernaast houden. Ik zie de kinderen nu meer dan in Nederland, daar maakte ik zulke lange dagen en werkte ik zes dagen per week. Dan lagen de kinderen al in bed als ik thuiskwam.’
M: ‘De kinderen hebben hier nu echt hun draai gevonden. Ze hebben vriendjes en vriendinnetjes en spreken de taal. We hebben schommels en trampolines en ze spelen ook met de kinderen van de gasten. Ze maken overal vriendjes. Ze hebben zwemles zodat ze ook bij het zwembad straks vrij kunnen zijn.’
Wat is het grootste verschil tussen jullie leven daar en in Nederland?
B: ‘WIJN! Haha. Nee grapje. Sowieso het klimaat. We hebben hier veel meer zon en zijn veel meer buiten. Onze keukentafel uit Nederland, staat hier buiten onder de veranda. Daar zitten we ook in de winter aan. We zitten hier maar maximaal drie maanden per jaar ’s avonds binnen. Onze eerste Kerst was het 20 graden en hebben we gewoon gebarbecued.’
M: ‘Verder is ook ons sociale leven veranderd. We hadden hier eerst vrijwel alleen maar Italiaanse vrienden, maar nu hebben we ook veel contact met andere Nederlandse jonge gezinnen die hierheen zijn geëmigreerd. Dat was niet echt de bedoeling, we gingen niet naar Italië verhuizen om alleen tussen de Nederlanders te zitten, maar het is wel een leuke aanvulling. We zijn volgende week bij Italiaanse vrienden uitgenodigd voor een barbecue en die begint om 21.00 uur. En als we met onze Nederlandse vrienden afspreken dan is het meestal rond 16.00 uur met een drankje op het strand. Leuk om beide te hebben.
B: ‘Het is wel opvallend dat het dus ook jonge gezinnen zijn en niet alleen pensionado’s.’
Is er ook iets wat jullie missen uit Nederland?
B: ‘Zaanse Mayo’. M: ‘En filet American, frikandel special. En thuisbezorgd. Dat zou hier zo’n uitkomst zijn. Als we door de hectiek van de dag tot laat doorwerken, zou het handig zijn om iets te kunnen bestellen.’
Gaan jullie nu ook vaker uiteten?
M: ‘We proberen zelf veel gezonde dingen te koken. Het ritme van uiteten is niet verschillend van in Nederland, dat doen we nog steeds zo’n een keer per maand. Maar pizza’s, dat doen we nu wel een keer per week. Dat halen we of laten we brengen. Omdat we geen huisnummer hier hebben, sturen we via Whatsapp onze locatie en zo kan hij ons vinden.’
Bezoekt jullie familie jullie vaak of is alles via Facetime?
M: ‘Een combinatie eigenlijk.’
B: ‘Omdat ik ook in Nederland werk, zie ik mijn twee oudere kinderen uit een vorige relatie ook nog regelmatig. Mijn dochter is 19, dus zij kan zelf hierheen komen vliegen. Mijn zoon vindt dat wat lastiger dus daar moeten we andere oplossingen voor vinden, dat er iemand met hem meevliegt. Als ik in Nederland ben gaan we altijd wat doen met elkaar. Mijn ouders zie ik daardoor ook om de twee weken.’
M: ‘Mijn ouders waren hier ook laatst drie weken en wij zijn ook bij hun geweest eind november, begin december om pakjesavond te vieren. Sinterklaas kennen ze hier niet, dus daarom hebben we pakjesavond in Nederland gevierd. Dat zit ook dit jaar weer in de planning. Dat is echt een hele sociale week waarin we achter elkaar bij iedereen langsgaan. Dat is leuk, maar daarna is het weer prettig om hier te zijn.’
Wat zijn jullie toekomstplannen?
B: ‘We willen ons levensgenot nog wat verhogen en hebben nog een hoop werk op het terrein te doen. We wisten toen we dit kochten dat het een jaar of vijf zou kunnen duren voordat we het naar onze zin hebben.’
M: ‘We willen het huis nog wat verbouwen en in de ideale wereld willen we nog drie tenten met een plein en buitenkeuken erbij. Dan hebben wij zelf ook iets meer onze privé. Daar moeten we nog een balans in vinden, want nu is ons huis met de veranda de ontmoetingsplek. Dat is hartstikke gezellig, maar wij moeten de volgende morgen wel weer vroeg opstaan.’
Zien jullie jezelf hier voor altijd wonen?
B: ‘Niet persé. Niet op deze plek. We hebben als regel dat we kijken naar de behoeften van de kinderen. Het opleidingsniveau is hier niet persé heel hoog, maar dat ligt natuurlijk aan de keuze van opleiding. Als zij bijvoorbeeld naar de universiteit willen ergens in Milaan of Noord-Italië, dan moeten we verder kijken. Over tien jaar zitten we hier nog wel, en dan zien we wel weer. We hebben nog genoeg dromen en wensen voor onze glamping hier.’
Of terug naar Nederland?
B: ‘Ik denk dat die kans heel klein is. Als wij ooit weer een bestaan moeten opbouwen omdat het hier niet gelukt is. Of als een van ons ziek wordt. De zorg in Nederland is natuurlijk heel goed. We gaan er niet vanuit, maar dat zou een reden kunnen om terug te gaan. Maar als we anders zouden vertrekken hiervandaan, dan zouden we naar Noord-Italië gaan. Nederland zou niet onze eerste keus zijn.’
Wat willen jullie meegeven aan mensen die naar het buitenland willen verhuizen?
B: ‘Altijd doen!’
M: ‘Ga op avontuur!’
B: ‘Gewoon doen, niet denken had ik maar.’
M: ‘Het gevoel als het is gelukt, is echt fantastisch. Nadat je tien keer voor een vergunning en handtekening overal langs bent geweest. Dan hebben we het toch voor elkaar. Het zijn kleine overwinningen, maar dan zijn we wel trots. Misschien is het wel handig om eerst de taal te leren van het land waar je naartoe wilt.’
B: ‘Dat is bijna een must. Ze nemen je serieuzer en je krijgt dingen sneller voor elkaar.’
Ga voor meer informatie en boeking naar casadalbertoglamping.com/


